Geen advocatenteam gevonden voor Ridouan T: kader voor impactvolle zaken verankerd

4 mei 2026

Het dekenberaad maakt bekend dat het, ondanks intensieve inspanningen, niet is gelukt om een advocatenteam te vinden voor rechtsbijstand in de strafzaak tegen Ridouan T.

De afgelopen maanden heeft het dekenberaad een brede verkenning uitgevoerd. Aan de hand daarvan zijn er vele gesprekken gevoerd met verschillende (samenstellingen van) advocaten(teams). Aan deze gesprekken is een zorgvuldige beoordeling voorafgegaan. Pas daarna zijn er met geschikt bevonden kandidaten gesprekken gevoerd over een mogelijke betrokkenheid bij deze zaak.

Deze gesprekken vonden plaats binnen het kader voor rechtsbijstand in impactvolle zaken, dat op initiatief van het dekenberaad in nauwe samenwerking met ketenpartners werd ontwikkeld. Dit kader beschrijft de randvoorwaarden waaronder advocaten in impactvolle zaken hun werk op een veilige, onafhankelijke en verantwoorde manier kunnen verrichten, onder meer op het gebied van teamvorming, veiligheid, financiering, organisatorische en mentale ondersteuning en communicatie.

De betrokken advocaten(teams) hebben aangegeven dit kader te waarderen. Het biedt concrete handvatten om open, zorgvuldig en diepgaand van gedachten te wisselen over de vraag of en onder welke omstandigheden rechtsbijstand in deze unieke zaak mogelijk zou zijn. Het kader heeft daarmee bijgedragen aan een zorgvuldig proces, waarin zowel professionele als persoonlijke afwegingen expliciet zijn besproken.

Uiteindelijk heeft geen van de betrokken advocatenformaties de bereidheid kunnen uitspreken om de zaak op zich te nemen. In de eindfase van de gesprekken hebben de advocaten aangegeven dat de impact van de zaak, in combinatie met de omstandigheden waaronder zij hun werkzaamheden zouden moeten verrichten, voor hen (persoonlijk) niet haalbaar was. Het uitblijven van het vinden van een advocatenteam is niet het gevolg van het opgestelde kader, maar van individuele afwegingen binnen de context van het uitzonderlijke karakter van deze zaak.

Het dekenberaad betreurt dat het niet tot een aanwijzing is gekomen. Tegelijkertijd stelt het vast dat deze zaak een belangrijke katalysator is geweest voor de ontwikkeling van een structureel kader voor rechtsbijstand in uitzonderlijk impactvolle zaken. Dit kader vormt een expliciete erkenning van de bijzondere druk waaronder advocaten in dergelijke zaken kunnen komen te staan en beoogt te voorkomen dat zij daarin geïsoleerd opereren. Het dekenberaad is ervan overtuigd dat het kader van waarde kan zijn voor impactvolle strafzaken.

Tot slot spreekt het dekenberaad zijn waardering uit voor de constructieve en goede samenwerking met de betrokken ketenpartners, die in de vele gesprekken en overleggen aan de hand van dit kader mede hebben gepoogd om een advocatenteam te vinden.

Het verdere verloop van de strafprocedure is aan het Gerechtshof Amsterdam.